Het zeewater in de Niño 3.4-regio, het belangrijkste meetgebied voor El Niño in de centrale Stille Oceaan, is voor het eerst sinds het begin van de satellietreeks warmer dan 30 graden. Leon Simons meldde het op LinkedIn. Volgens de voorlopige NOAA-dataset OISST v2.1 kwam het daggemiddelde op 5 oktober uit op 30,06 graden, 3,4 graden boven het gemiddelde van 1991-2020. Het hoogste daggemiddelde in die reeks, die loopt vanaf 1982, was tot dit najaar ongeveer 29,8 graden, in 2015. Ook de weekcijfers van NOAA tonen een record: 29,9 graden in de week rond 30 september.
Volgens het Climate Prediction Center van NOAA wordt El Niño nog sterker. De kans op een zeer sterke El Niño deze herfst en winter is groter dan 90 procent. Voor oktober tot en met december is er 75 procent kans op een historische El Niño, sterker dan alle eerdere sinds 1950. De kans op de bekende gevolgen wereldwijd is dan groter, al is die volgens NOAA niet zeker. Eerder schreven we al over Recordwarm zeewater zorgt voor noodweer en overstromingen in Spanje en Zeewater vangt 90% van opwarming op.
Visie van Burgerplatform
Stop. Eerlijk tellen is de eerste stap. Burgerplatform vindt dat de uitstoot van biomassa niet langer op nul mag staan en dat mestgas uit de veeindustrie niet als groen mag tellen. Zulke boekhoudregels zijn in onze ogen perverse prikkels die moeten stoppen.
Bron. Pak uitstoot aan bij de bron: minder verbranden en de energietransitie koppelen aan mobiliteit, zodat wijken energie delen in plaats van verspillen. Zie ook Hoe kunnen we 2 graden opwarming in 2040 voorkomen?
Herstel. Een sterke El Niño laat zien hoe kwetsbaar water, voedsel en kusten zijn. Een maatschappelijke kosten-batenanalyse kan helpen kiezen welke aanpassingen het meest opleveren, en een Fonds Brede Welvaart kan zulke maatregelen helpen financieren.
Bron: NOAA OISST v2.1 via Climate Reanalyzer, University of Maine (voorlopig); NOAA CPC weekcijfers Niño-indices; NOAA CPC ENSO Diagnostic Discussion; LinkedIn-post van Leon Simons (6 oktober 2026). Beeld: Copernicus Marine Service, CC BY 4.0, via Wikimedia Commons.