Analyse dossier

Kosten en baten van oorlog(svoorbereiding) versus diplomatie (Rusland-Europa)

Nederland verhoogt de defensie-uitgaven van EUR 27,7 mld (2,02% bbp) in 2026 naar 3,5% bbp vanaf 2035: structureel EUR 19,3 mld per jaar extra (CPB/PBL/SCP). De NAVO motiveert dit met de langetermijndreiging van Rusland, dat in 2025 naar schatting 7,5% van zijn bbp aan defensie besteedde. Het CPB schat de economische multiplier voor Nederland dicht bij nul; de planbureaus zien verdringing, risico op onderuitputting en prijsopdrijving, druk op personeel (minimaal 122.000 mensen) en ruimte, en ombuigingen op zorg, sociale zekerheid en ontwikkelingssamenwerking in hetzelfde pakket. Tegelijk ontbreekt een Europese diplomatieke strategie voor oorlog en vrede met Rusland (Clingendael, AIV). De oorlog in Oekraine kostte tot eind 2025 USD 195 mld aan directe schade en USD 667 mld aan verliezen (RDNA5).

Grondoorzaak

(1) Sturen op een inputnorm (percentage bbp) in plaats van op benodigde capaciteit en doelmatigheid; het kabinet wil de norm wettelijk verankeren. (2) Een veiligheidsdilemma: wederzijdse bewapening vergroot kosten en escalatierisico, terwijl wapenbeheersing en vertrouwenwekkende maatregelen grotendeels stilliggen. (3) Europa laat het diplomatieke initiatief aan Oekraine, de VS en Rusland (Clingendael 2026); onderhandelings- en verificatie-infrastructuur is onderontwikkeld. (4) Beperkte transparantie over besteding en fiscale onzichtbaarheid van militaire emissies en brandstofvrijstellingen (analysis 32). Rusland is en blijft de agressor; afschrikking is volgens NAVO, AIV en Clingendael een voorwaarde voor geloofwaardige diplomatie.

Sociale schade
9 /10
Complexiteit
9 /10
Escalatierisico
8 /10

Bedragen per jaar

Bandbreedte: we maken onzekerheid zichtbaar. Je ziet steeds de laagste en de hoogste onderbouwde schatting. De balk toont die bandbreedte; het streepje is de middenwaarde, als die bekend is. Klik op een bedrag om te zien waar het vandaan komt.

Schade huidig beleidper jaar
nog niet becijferd
Brede welvaartseffectenpakket, netto per jaar na overlapcorrectie
nog niet becijferd

Rampscenario: schade bij één gebeurtenis

Dit is geen bedrag per jaar en geen verwachte waarde, maar de geschatte schade als het scenario zich één keer voordoet. Vergelijk het daarom niet met de jaarbedragen hierboven.

Schade bij één gebeurteniseenmalig, geen jaarbedrag
โ‚ฌ 14 โ€“ 117,1 mld per gebeurtenis

Omvang geldstroom (indicatief)

Geen MKBA-uitkomst. Dit is de grootte van de geldstroom waar deze analyse over gaat, niet de schade of het welvaartseffect.

Geldstroomindicatief
โ‚ฌ 30,2 โ€“ 44,8 mld
Video / media

Analyse

Kern

Deze analyse zet de kosten van oorlogsvoorbereiding en van escalatie naast de baten van diplomatie, voor de verhouding Rusland-Europa. Toon: feitelijk. Rusland is de agressor in Oekraine; afschrikking is nodig. De vraag is niet of Nederland zich verdedigt, maar of het geld, personeel en ruimte doelmatig worden ingezet en of diplomatie dezelfde ernst krijgt. Mandaat 17 (Vrede & Ontspanning) is gekozen omdat het expliciet de-escalatie naast erkende afschrikking plaatst en vraagt de volledige kosten van militarisering mee te wegen; dit sluit aan bij analyses 32, 33 en 57 onder hetzelfde mandaat.

Feiten (onderbouwd)

  • Defensie-uitgaven 2026: EUR 27,7 mld = 2,02% bbp (2,24% incl. steun Oekraine 2,7 mld) - dp 506, bi 95, source 417.
  • Pad naar 3,5% bbp vanaf 2035: structureel EUR 19,3 mld/jr extra; onderuitputting ca. 1,4 mld in 2030; geen uitsplitsing per jaar of onderdeel - dp 510, bi 96, source 331.
  • NAVO Den Haag 2025: 3,5% kerndefensie + tot 1,5% weerbaarheid in 2035, herziening 2029, motivering: langetermijndreiging Rusland - dp 512, source 419.
  • CPB: multiplier voor NL dicht bij nul, mogelijk negatief bij financiering; invoeraandeel investeringen 61% - dp 511, source 416.
  • SIPRI 2025 (lopende dollars, geen koopkrachtcorrectie): Europese NAVO-leden USD 559 mld, Rusland USD 190 mld (7,5% bbp) - dp 509; Nederland USD 28,9 mld = 2,2% bbp, reeel +14% t.o.v. 2024 en +133% t.o.v. 2016 (geverifieerd, Table 1 p.2) - dp 538, source 418. Het SIPRI-percentage wijkt af van het NAVO-percentage door een andere definitie en bbp-basis.
  • Wapenbeheersing: Rusland trok zich per 7-11-2023 terug uit het CFE-verdrag en Nederland schortte met de bondgenoten de werking op (omkeerbaar); New START is in februari 2026 verlopen, waarmee limieten en verificatie van strategische kernwapens VS-Rusland zijn weggevallen; de NPV-toetsingsconferentie 2026 eindigde zonder consensusdocument - dp 540, sources 438 en 439.
  • Kosten van escalatie (Oekraine, niet-NL): schade USD 195,1 mld, verliezen 666,7 mld, herstelbehoefte 587,7 mld (RDNA5) - dp 513, source 423; klimaat: 311 Mt CO2e in 48 maanden - dp 54. Voor Nederland bestaat geen officiele raming van de kosten van een escalatie Rusland-NAVO. Het dichtstbijzijnde is het CPB-scenario uit 2022 voor de economische doorwerking van de Oekraine-oorlog: bbp-groei 1,9% in 2022 (basis 3,6%) en nihil in 2023 (basis 1,7%), koopkracht 2022 -5,1% - dp 539 (weight 0,5), source 435. Dat is een ordegrootte voor een energie- en handelsschok, geen raming van militaire escalatie.
  • Diplomatie-instrumenten in de begroting 2026: bijdrage OVSE 6,0 mln (bi 107), wapenbeheersing 11,7 mln (vooral contributies IAEA/OPCW/CTBTO, bi 105), Stabiliteitsfonds 63,7 mln (bi 106), inclusieve vredes- en politieke processen (BHO) 53,7 mln (bi 104) - sources 436 en 437. Samen ca. 135 mln, ca. 0,5% van de defensie-uitgaven 2026 (eigen optelling en berekening).
  • Baten diplomatie/preventie: alleen mondiaal en modelmatig (VN/Wereldbank netto 5-70 mld USD/jr, dp 469; IEP 1:16 denktank, dp 470). IOB: NL gaf 2,7 mld uit aan stabiliteit in fragiele contexten (2015-2021) met lokale resultaten, maar geweldscirkels niet doorbroken (dp 471). Een NL- of EU-kosten-batenstudie van diplomatie bestaat niet (Action 257).

Maatregelen in volgorde (RuleId 10)

Stop (bestaand beleid dat het probleem vergroot): policy 188 herijking 3,5%/5%-inputnorm naar capaciteitsdoelen bij de NAVO-herziening 2029, geen wettelijke verankering van een percentage; stop 2 = bestaande policy 114 (accijns- en ETS-vrijstelling militaire brandstof sluiten, schaduwprijs CO2; analysis 32) - niet gedupliceerd; het budgettair belang staat niet in de Miljoenennota 2027 (bijlage fiscale regelingen) en loopt via Action 45. Verder policy 170 (wapenexport, analysis 55) en 172 (geen regime change zonder mandaat, analysis 57).

Bron: policy 189 Europese vredes- en onderhandelingsinfrastructuur (afdwingbare garanties, OVSE-verificatie, langetermijnstrategie Rusland; AIV/Clingendael), met als huidige basis OVSE 6,0 mln, Stabiliteitsfonds 63,7 mln en vredesprocessen 53,7 mln (policy_budgetitem 42, 40, 43); policy 190 wapenbeheersing, vertrouwenwekkende maatregelen en militaire risicobeheersing naast afschrikking, basis 11,7 mln (policy_budgetitem 41). Na het wegvallen van CFE en New START is er geen werkend verdragskader meer voor conventionele en strategische wapens tussen Rusland en het Westen (dp 540). Clingendael noemt wapenbeheersing via het OVSE-instrumentarium als optie, met als nadeel dat het zonder krachtige, door militaire capaciteit ondersteunde Europese positie als zwakte kan worden gezien (source 422, p.11; denktank). Breder: policy 171 (conflictpreventie, analysis 55).

Herstel: policy 191 doelmatigheid en transparantie van de extra uitgaven (jaarlijkse brede-welvaartstoets, openbare uitsplitsing, onderuitputting valt vrij); policy 115 groene wederopbouw (analysis 33). Dienmodel-waarborgen: policy 186 (hangt nog aan analysis 32; zie ticket 240/255).

Alternatieven en opportunitykosten (RuleId 12)

Beslag: EUR 19,3 mld/jr extra vanaf 2035 bovenop 27,7 mld; minimaal 122.000 mensen, vooral uit krappe sectoren (ICT, zorg, techniek, transport); meer ruimte voor oefenterreinen ten koste van o.a. natuur en recreatie, met ruimere afwijking van de Omgevingswet via de Wet op de defensiegereedheid (dp 523, sources 331 en 429). Economische opbrengst per defensie-euro volgens CPB ca. 0; de baat is veiligheid, die niet in euro is uitgedrukt.

  • Diplomatie en internationale samenwerking: de diplomatie-instrumenten samen kosten ca. 135 mln per jaar (bi 104-107); de extra 19,3 mld is ca. 140 keer dat bedrag (eigen berekening). De ODA-ombuiging van structureel 2,4 mld is slechts deels teruggedraaid (+257 mln); planbureaus: aannemelijk negatieve effecten op brede welvaart elders (dp 522). Preventiebaten alleen mondiaal (dp 469).
  • Zorg: in hetzelfde pakket een zorgombuiging van 7,9 mld in 2030, waarvan verhoging eigen risico 5,4 mld (dp 208, source 152); hogere drempels vooral voor lage inkomens en chronisch zieken (source 331).
  • Sociale zekerheid en bestaanszekerheid: versobering WW 1,5 mld en WIA 1,2 mld structureel (dp 522); problematische schulden kosten de samenleving minimaal 8,5 mld/jr (dp 18, source 32).
  • Transitie: klimaatdoelen niet op koers, uitstel maakt de opgave groter en duurder (source 331); netcongestie kost volgens BCG 10-40 mld/jr (dp 109, niet-officieel); energietransitie, woningbouw en onderwijs concurreren om hetzelfde personeel (dp 523).

Een officiele vergelijkende doorrekening van de brede-welvaartsopbrengst per euro over domeinen heen bestaat niet (uitgezocht in Action 257/258). De planbureaus beschrijven synergieen en afruilen alleen kwalitatief (source 331, p.35-38; afruil defensie tegenover arbeidsmarkt en ruimte p.37) en de Aanvulling Leidraad MKBA brede welvaart geeft alleen de methode per maatregel (source 400). Deze vergelijking blijft dus kwalitatief; de planbureaus leggen ook geen een-op-een dekkingsrelatie tussen defensie en de genoemde ombuigingen.

Verdrongen dossiers met een hogere of gelijke score (S+E; deze analyse 9+8): hoger - 4 Acute armoede-escalatie (10+10), 11 Escalatie door boetestapeling (10+10); gelijk - 3 Zorg-bureaucratie (9+8, zelfde zorgpersoneel), 5 Energie-afhankelijkheid (8+9), 19 Fossiele subsidies (9+8). Relevant maar lager: 46 Netcongestie, 49 Toeslagen, 50 Zorgstelsel, 55 Migratie (ODA). Scores zijn indicatieve expertscores, geen brede-welvaartsrendement.

Fysieke samenhang (RuleId 8)

  • Energie en brandstof: militaire brandstofvrijstellingen en emissies (policy 114, dp 53/55, analysis 32); energie-infrastructuur als doelwit (RDNA5); energieprijsschok als belangrijkste economische kanaal (CPB-scenario, dp 539).
  • Ruimte: oefenterreinen, kazernes, laagvliegen en nachtvliegen (Wodg, source 429); concurrentie met natuur, recreatie en woningbouw, en met vrijkomende landbouwgrond in de stikstofzones (analysis 61).
  • Industrie: invoeraandeel 61% (CPB); Europese gezamenlijke inkoop; NII (analysis 45) concurreert om begrotings- en kapitaalruimte.
  • Kritieke infrastructuur en militaire mobiliteit: spoor, wegen, havens, netten en kabels (1,5%-component NAVO).
  • Arbeidsmarkt: dienstplicht/Dienmodel (ticket 240, policy 186).

Samenhang met andere analyses

32 (klimaatkosten militarisering), 33 (wederopbouw), 55 (migratie, policies 170/171), 57 (regime change, policy 172), 5 (energie-afhankelijkheid), 19 (fossiele subsidies), 45 (NII), 61 (ruimteclaim). Ticket 240 (dienstplicht/3,5%-norm) is verwerkt via dp 510/511/522/523 en policies 188/191; open data uit ticket 148 hergebruikt en geactualiseerd (dp 506 vervangt 22 mld = 2%; dp 509 vervangt de PPP-tabel in subject 125; dp 538 verifieert het SIPRI-cijfer voor Nederland).

Bedragvelden (F_*): herkomst en betrouwbaarheid (06-10-2026)

Alle velden zijn bedragen per jaar in euro (MIO = dezelfde bedragen in miljoenen), niet contant gemaakt en niet kansgewogen, net als in andere analyses (bv. 19, 44, 46). Contant maken (disconto 2,8% tot jaar 35, daarna 1,8%; source 33) is niet gedaan, omdat geen van de reeksen een betrouwbare looptijd of kans heeft.

  • Echte uitgaven (F_Volume_EUR / MIO): 30,2 - 44,8 mld per jaar (30.216 - 44.812 mln). Min = defensie-uitgaven volgens NAVO-definitie in 2027, inclusief militaire steun aan Oekraine: 2,36% bbp (MvT Defensie 2027, tabel p.117; source 998, dp 904). De begrotingen X en K zelf zijn 28,9 mld; het verschil zit in reserveringen op de Aanvullende Post, toerekeningen en de pensioencorrectie. Max = 3,5% bbp op de schaal van 2027 (bbp ca. 1.280 mld, afgeleid uit 30.216 / 2,36%; dp 910). De raming voor 2031 is 43,8 mld (2,96%). Nominaal ligt het bedrag in 2035 hoger door bbp-groei; CPB/PBL rekenen met structureel 19,3 mld per jaar extra vanaf 2035 ten opzichte van het basispad (dp 510). De 1,5%-component voor weerbaarheid (5%-norm) is niet meegeteld: Nederland zit volgens de eigen berekening al op 1,4% en reserveert er geen extra geld voor (source 331). De Nederlandse steun aan Oekraine (25,9 mld over 2022-2031, waarvan 20,7 mld militair; dp 909) zit voor het militaire deel al in deze reeks. Betrouwbaarheid: hoog voor de ondergrens (begroting), middel voor de bovengrens (norm, geen raming).
  • Maatschappelijke kosten (F_Volume_Societal): 45,0 - 199,0 mld per jaar. Kosten van de oorlog in Europa zoals die nu wordt gevoerd: directe schade (min) en schade plus sociaaleconomische verliezen (max) in Oekraine volgens RDNA5, USD 195,1 en 861,8 mld over 46 maanden, omgerekend per jaar tegen 1,13 USD/EUR (sources 423 en 1003; dp 513 en 911). Dit is internationaal (Oekraine), niet Nederlands, en exclusief menselijke kosten (doden, gewonden, trauma), Russische verliezen, klimaatschade (311 Mt CO2e, dp 54) en kosten in derde landen; het is dus een ondergrens. Nederlandse maatschappelijke kosten bovenop de begroting zijn klein of niet gekwantificeerd: klimaatkosten van de directe Defensie-uitstoot 26-84 mln per jaar (dp 827; policies 254 en 114, die via relatie 56 de klimaatpost leveren voor policy 191), de energieschok van 2022 (inflatie 10%, koopkracht -1,2%; dp 890 en 891) en verdringing bij een multiplier dicht bij nul (dp 511). Banen tellen niet als baat (regel 13). Betrouwbaarheid: middel (Wereldbank-raming, omrekening eigen).
  • Risico (F_ExposedRisk): 14,0 - 117,1 mld per jaar, scenario. Bbp-schade voor Nederland bij een oorlog tussen Rusland en de NAVO, als percentage van het bbp van 2025 (1.170,6 mld; dp 906). Min = Bloomberg Economics: EU-bbp -1,2% in het eerste oorlogsjaar (source 1001, secundair; dp 908). Max = Kiel Institute 'The Price of War': ca. -10% output na vijf jaar voor landen in de directe nabijheid van een grote oorlog (source 1000; dp 907). Tussenwaarde: het CPB-scenario uit 2022 (energieschok) geeft ca. -3,4% = 39,8 mld (dp 539). Staart: een oorlog op eigen grondgebied kost historisch ca. 30% = 351 mld per jaar (Kiel); die zit niet in het veld. Niet kansgewogen: er is geen betrouwbare kans op escalatie. De MIVD acht een NAVO-oorlog vrijwel uitgesloten zolang Rusland in Oekraine vecht, maar ziet risico binnen ongeveer een jaar na een stop (dp 889). Exclusief menselijke kosten en directe schade aan Nederlandse infrastructuur (zeehavens 56,5 mld toegevoegde waarde per jaar, dp 882; overstroming dijkring 14 tot 98 mld, dp 883). Betrouwbaarheid: laag (dp 912).

Betrouwbaarheidsklasse 3 (niet extern getoetst): de uitgaven zijn onderbouwd, maar de maatschappelijke kosten zijn internationaal en onvolledig en het risico is een scenario met lage betrouwbaarheid.

Wat ontbreekt (na Action 257)

Niet officieel beschikbaar: budgettair belang van de militaire brandstofvrijstellingen (niet in MN2027-bijlage; Action 45); officiele NL-raming van de kosten van een escalatie Rusland-NAVO (alleen CPB-scenario 2022; het risicoveld gebruikt daarom scenario's van Bloomberg Economics en Kiel, zie Bedragvelden); NL/EU-kosten-batenstudie van diplomatie; vergelijkende brede-welvaartsopbrengst per euro over domeinen. Deze punten blijven kwalitatief (besluit in Action 266). Verder onbekend: de benodigde capaciteit (NAVO-capaciteitsdoelen zijn vertrouwelijk) en de omvang van een ophoging voor policies 189/190.

S/C/E ongewijzigd (9/9/8): het wegvallen van CFE en New START bevestigt het stilliggen van de wapenbeheersing dat al in de RootCause en E=8 zat; de nieuwe budget- en scenariocijfers veranderen de ernst of complexiteit niet.

Herkomst van de bedragen

Bronnen van deze analyse

Voor het rampscenario en de omvang van de geldstroom is nog geen bron per bedrag vastgelegd. Hieronder staan de bronnen en datapunten van de hele analyse.

Bronnen

Datapunten